eMoSHiT

WANT VERSTANDIGE BLOGS MET NUTTIGE TIPS

zijn er al genoeg

more

Aan alle bange badpakjes, aan de kant van het zwembad,

Zita Theunynck // vrijdag, 29 november 2019


Falen, het is hip. Het is een modewoord. De jongens in Silicon Valley schijnen het constant te doen. Maar falen, het is makkelijker gezegd dan gedaan. Zeker voor perfectionisten in een perfectionistische samenleving. En dat ben ik. In januari van dit jaar had ik het gevoel dat ik helemaal gefaald was en schreef ik dit:

Falen. Het is dus hip. Het voelt toch iets minder hip als het jezelf overkomt. Dan voelt falen als vallen met je fiets terwijl je een steile berg afrijdt zodat je de helft van je gezicht kwijtraakt op het afval. Dat is wat er met mij is gebeurd. Of zo voelt het toch. Er gaat iemand veel werk hebben om al die stukjes van mij terug van het asfalt te schrapen. Ik ben niet die ‘iemand’. Ik ben te moe. En er zijn te veel stukjes.

Ik sta hier. Het is een dinsdag. En ik heb zo hard gewerkt om hier te geraken. Maar deze ochtend maakte mijn baas gruwelijk duidelijk dat ik nergens ben geraakt.

Ken je die stukken van ruimteraketten die ze enkel nodig hebben om op te stijgen, maar die ze lozen eens het ruimteschip in de ruimte komt? Ik ben dat. Zo’n zwevend stuk ruimteafval ergens in het universum. Waar gaan die dingen naartoe? (ik vraag het gewoon, voor een vriendin) Blijven die eeuwig ergens in het universum rondzweven? Komen die ooit een bevriende stuk ruimteafval tegen? Krijgen die nog een knuffel van iemand voor ze met een druk op de knop geloosd worden? Persoonlijk zou ik nu ook wel een knuffel kunnen gebruiken.

Maar dus raketafval. Dat ben ik. Dat is het. Niet meer.

En het enige dat ik nu wil doen, is de tijd terugdraaien. Niet om mijn werk opnieuw te doen. Zot. Dat is te veel werk Ik wil hun oordeel terugdraaien. Ik wil geen potentieel hebben én het dan niet waarmaken. Ik wil dat ze bellen om te zeggen dat ze zich vergist hebben en dat mijn werk toch goed was. En dat ik geniaal ben, liefst dat.

Het schijnt dat falen hip is. Ik vraag mij echt af wie dat verzonnen heeft? Dat ik hem even van een brug gooi. Het is waarschijnlijk die gast die per ongeluk Instagram uitgevonden heeft.

Kijk, falen kan hip zijn. Maar het ding is. Ik hou er niet van. Ik haat het. Het is heel erg. Maar ik wil dingen goed doen. Ik wil slagen. Ik ben in het middelbaar afgestudeerd met 86%. Ik heb toen ook de prijs voor Latijn én die van Nederlands gekregen. Niemand wilde die hebben, maar ik wél. Ik heb ooit eens 19 op 20 gehaald op een examen Multilevel Analysis in een extra master in de Statistiek. Voor alle duidelijkheid ik wilde geen Master in de Statistiek doen, laat staan een vak volgen dat Multilevel Analysis heet. En toch haalde ik 19 op 20. Dat is hoe hard ik het haat om te falen.

Dus ja, de mensen die zeggen dat falen de max is. Ik begrijp ze niet. Wie heeft nu als doel om regelmatig eens goed op je bek te gaan? Misschien Eva Pauwels, maar verder niemand. Delen dat je ‘gefaald’ bent, is blijkbaar ook heel erg ‘in’. Dus hierbij. Ik ben gefaald. Het is gebeurd. Ik heb het gedeeld.

Meer kan ik er niet over zeggen.

Buiten dat het zuigt.
En dat ik echt iemand nodig heb om mijn gezicht weer van het afval te gaan halen daar op die berg. Iemand?

Vandaag. Tien maanden later heb ik het stuk teruggelezen. En er zijn enkele dingen die mij opvallen.

1. Ik heb het niet gedeeld (Het is duidelijk waarom).

2. Het is niet echt een positief stukje. Weinig inspirerend ook. En die zin over Eva Pauwels, niet aardig van mij. Falen maakt van mij een erg gemeen persoon. Want zelfs Eva Pauwels wil op haar geheel excentrieke wijze slagen in het leven. En dat doe je goed Eva.

3. Ik zie nu pas hoe dramatisch ik ben op dat moment (toen voelde dat gewoon een representatieve weergave van de feiten) . Dat stuk over die ruimteraket. Djeezus, wie is die persoon?, denk ik nu. Maar het heeft geen zin om het te ontkennen, het zijn mijn woorden en gedachten. ‘Onthouden voor in de toekomst Theunynck’: denk ik nu. Niets zal ooit zo dramatisch zijn als nu, de kans is 100% dat je er over 10 maanden weer helemaal anders over denkt.

4. Het belangrijkste: falen is vaak meer een gevoel dan een feit.
Want we zijn 10 maanden later en alles is anders. Dit zijn de feiten.
Mijn toenmalige baas was die dag ongemeen hard. Hij haalde me van de job en dat was niet nodig. Een paar weken later zei hij dat zelf, al lachend (niet grappig).
Een paar maanden later werd hij zelf ontslagen.
En een week later kozen mijn nieuwe bazen er onmiddellijk voor om mij de job te geven die hij van me had afgenomen. Hun vertrouwen in mijn kunnen, zorgde dat ik beter werk leverde dan ooit daarvoor.

Ik wist dat natuurlijk allemaal niet op dat moment.
Maar toch: Ik liet één man al mijn zelfvertrouwen afnemen in één seconde. En dat ligt deels bij die man, maar ook bij mij.
Ik lieg niet als ik zeg dat ik écht het gevoel dat ik niets meer kon. Terwijl dat nu bijna te absurd is voor woorden. Had ik een betere job kunnen doen? Waren er werkpunten? Was er veel verbetering mogelijk? Ja. Ja. Ja. Maar ik was niet totaal waardeloos, en dat is wel hoe ik mij voelde.

Eigenlijk ben ik toen het meest gefaald, in falen zelf.
En dat komt omdat ik nooit geleerd heb om een fout te maken op werkvlak, om eens goed op mijn bek te gaan. Ik liet het ook niet toe. Faalangst heet dat. De mannen van Silicon Vally roepen het wel, maar tegelijkertijd leren we nog altijd niet hoe we dat moeten doen. En worden alle jonge mensen nog altijd met alle druk van de wereld opgezadeld. Gelijk volgeladen ezeltjes lopen jongeren rond. We moeten allemaal constant het beste uit onszelf halen. Er zijn zeker mensen die heel goed om kunnen met die druk. Ik ben daar niet een van. En ik denk niet dat ik alleen ben.

Ik wil zoals ik hierboven schreef: alles meteen goed doen. En dat kan niet. Dat is belachelijk en onmogelijk. En het is ook stom. Want je gaat je daardoor beperken. Je gaat dingen niet doen, omdat je bang bent om te falen. Want zoals de immens intelligente Seth Godin zegt: If I fail more than you do, I win.

Kaal en geniaal. Dat is Seth Godin.

Je moet dus springen. Want elke keer als je springt, leer je iets. En zo groei je en word je beter. Veel beter dan mensen die niets durven, die nooit springen. Maar ik heb moeite met springen. Het is alsof ik in mijn badpak voor een zwembad met koud water sta. En mijn geest en lijf overleggen en zeggen: ‘Springen? Nu? Nope. Hebben we geen zin in. Gaan we niet doen.’

Het is zoveel beter om de springen én op uw bek te gaan dan nooit te springen. (Meest cliché zin ooit, maar ik meen hem en ik neem hem niet terug). Oké. Het water kan koud zijn. Oké, ge kunt met uw volledige gewicht op uw buik terecht komen. Niet leuk. Maar verder, niet zo erg. En het is een grappig zicht voor de omstaanders. Ge doet er de wereld eigenlijk een plezier mee.

Ik wist het al langer, maar ik heb nu pas echt beseft hoe een zieke monsters faalangst en perfectionisme zijn (Die delen een duobaan bij mij, kwestie dat ze elkaar kunnen afwisselen en dat één van de twee zéker op post is). En hoe die twee mij elke dag dingen ontnemen. En hoe ze mijn hele kijk op de wereld bepalen. Dus heb ik besloten om dat te veranderen. En daarom doe ik elke dag deze oefening. (Niet lachen, enfin, ge moogt wel lachen. Ge moet lachen. Ik zeg u wél: de oefening werkt).

Oké, hou u vast.

Ik beeld me in dat ik in de laadbak van een pick-up truck zit en naast mij zit mijn faalangst, in de vorm van een grote langharige rosse hond die Denny heet. En Denny en ik zitten in die pick-up en worden gevoerd langs een verlaten kust, bocht na bocht. En de wind waait de haren in ons gezicht. En we weten niet waar we naartoe gaan, maar het is oké, want het is goed waar we nu zijn.

Waarom Denny? Door van mijn faalangst een hond te maken, wordt die plots liever en niet zo angstaanjagend. Plus, nu de angst een hond is, is hij niet langer een deel van mezelf. Ik ben de angst niet. Hij zit naast mij. Ik ga niet ontkennen dat hij er is, want dan wordt de angst alleen maar groter. Nee, ik weet dat hij er is en ik ga hem knuffelen en omarmen en liefhebben, want daar wordt hij rustig van. Ik zie hem als een vreemde, harige reisgezel die ik bevelen kan geven. Hij moet blijven zitten. En rustig zijn. En hij krijgt enkel een koekske als hij braaf is. En dat helpt.

Waarom de pick-up truck? In plaats van mezelf te dwingen constant achter het stuur van mijn leven te zitten (en zo dus ook héél de tijd de verantwoordelijkheid over alles te hebben), is het zalig om dat stuur efkes uit handen te geven. Om te doen alsof het leven je op plekken brengt. In werkelijkheid is dat ook gewoon een beetje zo (dit is héél Ingeborg, maar deal with it). De kunst is het beste te maken van de plekken waar je komt. Je weet nooit waar de volgende bocht je brengt, maar dat is oké. En zonder al mijn angsten, twijfels, doembeelden, als ik gewoon op dit moment, denk aan wat nu is: is mijn leven goed, in die pick-up truck met mijn haren in de wind.

Dus kijk, als gij dat badpakje aan de kant van het zwembad bent. Dan heb ik één boodschap voor u. Kijk die motherfocker van een faalangst ééns diep in de ogen, geef hem een naam, beeld hem in als een grote hond, een klein musje of Timothy Chalamet, neem z’n hand vast en spring samen het diepe in. Ge kunt het.

Zita Theunynck

Over Zita Theunynck

Zita schrijft als scenariste voor televisie. Voorlopig toch, met televisie weet je nooit. In haar vrije tijd, stuurt ze graag lange sms'en naar haar vrienden en probeert ze een recept te vinden waarmee ze zo'n blok tofu eindelijk lekker klaar kan maken. Of ze zit voor televisie pindanootjes te freten, dat kan ook. Zita heeft deze bio geschreven op de trein net voor ze moest afstappen. Ze hoopt dat dit niet opvalt.'

2 reacties op “Aan alle bange badpakjes, aan de kant van het zwembad,

  1. Lola schreef:

    Zita, jij heldin <3 Je kan niet geloven hoe hard dit weerklank vindt bij mij, bedankt om het te delen. Dat stukje van "ik wil liefst dat ze nu bellen om te zeggen dat mijn werk toch goed is en dat ik geniaal ben" – ik snap dat zo hard. Al die momenten waarop je denkt: als iedereen mij nu gewoon eens heel tof en lief en grappig en slim en mooi zou vinden en we kunnen het daarbij laten, dat zou mijn leven een stuk gemakkelijker en leuker maken. Helaas zit het leven zo niet in mekaar, dus ik ga die truc met de hond eens proberen. Ah ja, en ook dit nog: ik ben blij dat die gemene baas ontslagen is.

    1. Zita Theunynck schreef:

      Merci. Om samen met mij aan de kant van het zwembad te staan. <3

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.